Hoge Raad stelt Aegon inzake koersplan op alle punten in ongelijk

De Hoge Raad heeft op 14 juni 2013 alle vorderingen tegen Aegon toegewezen. Daarbij stelde de Hoge Raad niet alleen vast dat Aegon in het Koersplan van Aegon beleggers te veel premie overlijdensrisico heeft laten betalen, maar ook heeft de Hoge Raad het arrest van het gerechtshof Amsterdam bevestigd dat sprake is van misleiding van klanten door Aegon. Opmerkelijk is dat het oordeel van de Hoge Raad hierbij afwijkt van de advocaat-generaal, die in zijn advies had aangegeven dat een ander gerechtshof een oordeel zou moeten geven over de misleiding van Aegon.

In 2011 oordeelde het Gerechtshof al dat Aegon zich aan misleiding schuldig heeft gemaakt. Aegon had bij aangaan van de woekerpolis verzwegen dat er kosten werden ingehouden voor een overlijdensrisicopremie. Dat deze veel hoger was dan gebruikelijk en dat het gevolg was dat de verzwegen overlijdensrisicoverzekering het rendement negatief zou beïnvloeden. Aegon is hiertegen in cassatie gegaan. De advocaat-generaal, was van mening dat het argument van Aegon beperkt doel trof, "maar slechts in die mate dat het aan het verwijzingshof zou zijn om de vordering tot verklaring voor recht uit te leggen.
De Hoge Raad heeft echter in de uitspraak van 14 juni 2013 geen woorden vuil gemaakt aan de misleiding door Aegon. Behalve dat die niet tot cassatie bij de hoge Raad kan leiden.
Hiermee is het arrest van het hof Amsterdam definitief en is Aegon schuldig bevonden aan misleiding. De Hoge Raad heeft namelijk zonder motivering het middel van Aegon tegen misleiding verworpen.
In principe alleen geldt de uitspraak van de Hoge Raad tegen Aegon alleen voor gedupeerden die lid zijn van stichting Koersplandewegkwijt. Maar Aegon kan inzake koersplan nieuwe procedures van andere stichtingen zekerverwachten.


Gepubliceerd AMWEB, 14 juni 2013